Hoe diep is jouw flow?
Flow op het werk wordt vaak gezien als één toestand: volledig opgaan in een activiteit, moeiteloos handelen en plezier ervaren in wat je doet. Nieuw onderzoek laat zien dat het genuanceerder ligt. Flow kent verschillende verschijningsvormen en diepe flow blijkt minder vanzelfsprekend dan vaak wordt gedacht.
Onderzoekers van onder meer de Open Universiteit, Erasmus Universiteit Rotterdam, KU Leuven en Vrije Universiteit Brussel onderzochten hoe flow zich tijdens verschillende werkactiviteiten manifesteert. In een dagreconstructieonderzoek rapporteerden 199 werknemers in totaal 2.927 werkactiviteiten. De onderzoekers keken daarbij naar drie kerncomponenten van flow: absorptie, moeiteloze controle en intrinsieke beloning.
Op basis daarvan onderscheidden ze zes verschillende psychologische toestanden: deep flow, microflow, apathie, verveling, opwinding en angst. Twee daarvan passen bij het klassieke flowbegrip. Bij deep flow zijn absorptie, controle en intrinsieke beloning alle drie zeer hoog. Bij microflow zijn die drie kenmerken eveneens aanwezig, maar minder sterk.
Deep flow kwam voor bij 29% van de onderzochte werkactiviteiten, microflow bij 44%. Dat betekent niet dat werknemers bijna een derde van hun werktijd in diepe flow doorbrachten: het onderzoek keek naar afzonderlijke werkactiviteiten en niet naar een continu tijdsverloop. Bij werknemers die relatief vaak diepe flow rapporteerden, duurden zulke episodes bovendien vaak minder dan dertig minuten.
Wat maakt flow waarschijnlijker? Vooral de manier waarop werknemers hun activiteit beoordelen. Een hoge ervaren uitdaging vergroot de kans op flow, terwijl belemmeringen in het werk de kans daarop verkleinen. Het gaat dus niet simpelweg om een prettige taak, maar om een activiteit die voldoende uitdaging biedt zonder dat obstakels het functioneren in de weg staan.
De studie levert daarmee ook een belangrijke nuancering van het flowbegrip. Flow lijkt geen eenvoudige schaal te zijn waarop je meer of minder flow hebt. Verschillende combinaties van absorptie, controle en beloning kunnen leiden tot verschillende ervaringen. Voor organisaties en professionals die flow willen bevorderen, is het daarom interessanter om te kijken welke werkactiviteiten en omstandigheden diepe betrokkenheid mogelijk maken, dan om flow als algemeen doel na te streven.
Referentie
De Kerf, J., Van der Linden, D., De Cooman, R., De Gieter, S., Bakker, A.B. & Hofmans, J. (2026). Beyond the flow continuum: A person-centered approach to identify unique constellations of flow components. Journal of Vocational Behavior, 167, 104246. https://doi.org/10.1016/j.jvb.2026.104246
